Archduke Ensemble

Schumann & Reinecke

Dit concert kun je bezoeken met de Kunstmin Pas, lees meer over deze Pas.

Het Archduke Ensemble is gespecialiseerd in kamermuziek uit de 18e en 19e eeuw en bestaat uit een pianist, twee violisten, een cellist en een hoornist. De musici gaan het pad van de romantiek op met werk van Schumann en Reinecke. Onder andere Schumann brengt in de 19e eeuw de typische romantische liederen- en kamermuziekcultuur tot grote hoogten. Reinecke is een van de componisten die op zijn beurt de romantische schrijfwijze van Schumann, Brahms en andere tijdgenoten volgt.

‘Ik was trots toen ik tijdens mijn eerste verblijf in Leipzig toestemming kreeg om persoonlijk kennis te maken met Robert Schumann, en hem regelmatig te ontmoeten.’ Met deze woorden begint Reinecke een essay dat hij rond 1900 schrijft voor het American Music Magazine over zijn lange en toegewijde vriendschap met Robert en Clara Schumann. Tijdens hun ontmoeting halverwege de 19e eeuw is Reinecke nog geen twintig jaar, boordevol belofte en talent. Het vleit hem dat de familie Schumann hem direct opneemt in hun muzikale kring. In de tien jaar daarop ontwikkelt Reinecke een hechte relatie met Robert, ze delen een grote liefde voor lange wandelingen in de natuur, discussies over muziek en een goed glas wijn.

De twee trio’s in dit programma schrijft Reinecke later in zijn leven, maar in het hoorntrio is duidelijk een Schumanneske melancholie te horen. In het dramatische strijktrio zit een Brahms-achtige ondertoon. Het programma eindigt met Schumanns onvergelijkelijke pianokwartet, waarvan Reinecke de eer ten deel valt om het uit te voeren bij Schumann thuis, kort na de voltooiing van het werk rond 1850.

Shunske Sato, viool; Emlyn Stam, altviool; Job ter Haar, cello; Teunis van der Zwart, hoorn; Shuann Chai, piano

Reinecke: Hoorntrio voor viool, hoorn en piano in A gr.t. op 188
Reinecke: Strijktrio in c kl.t. op 24
Schumann: Adagio en Allegro (hoorn en piano), op. 70
Schumann: Pianokwartet in Es gr.t. op. 47